Stel je een kleine woonwijk voor waar twee woningen vol leven staan. De cliënten kennen elkaar, en jou straks ook. De één heeft behoefte aan structuur, de ander aan nabijheid. De sfeer is warm, rustig en soms een tikkeltje chaotisch, maar altijd oprecht. Op de ene locatie wonen cliënten met een ernstige verstandelijke beperking, soms met lichte gedragsuitdagingen. Ze hebben mensen nodig die hen zien zoals ze zijn: puur, eerlijk en kwetsbaar. Op de andere locatie werk je grotendeels op één vaste woning, maar loop je ook door naar een buurhuis of bied je dagbesteding aan huis. Net genoeg afwisseling om je werk boeiend te houden, maar ook genoeg vaste gezichten om echt een band op te bouwen.
Hoe jouw dag eruitziet:
Je begint met een kop koffie met je collega’s. Even bijkletsen, even afstemmen. Daarna stap je de woning in. Een cliënt begroet je met een grote lach. De ander heeft een moeilijkere ochtend en jij voelt precies aan hoe je hem kunt helpen. ADL hoort erbij, maar voor jou is het geen taakje, het is een moment van contact.
Later op de dag zorg je voor structuur: een wandeling, samen koken, rust bieden, grapjes maken, spanning wegnemen. Aan het einde van je shift besef je: ik heb vandaag echt verschil gemaakt, al was het maar voor één persoon.